Dagboek 28: Laatste dagen in Iran

Ashgabat, Turkmenistan, 9 maart 2006


Als we het berggebied rond Mount Damavand verlaten komen we weer op de lange rechte wegen door de woestijn. De komende 1000 kilometer naar het oosten zullen er waarschijnlijk zo uitzien..
In Damghan overnachten we. De volgende dag rijden we door naar Mashhad, Iran's meest heilige plaats.

Mashhad, heilige stad
Mashhad is een verassing. We hadden een soort Qom in het kwadraat verwacht met veel islam, zwart en bedelaars. Maar de stad is schoon, modern en (waarschijnlijk) rijk. Een winkelstraat in een voetgangersdomein is bijna Europees. In Mashhad is de tombe van Imam Reza, de 8ste imam. De 12 imams zijn rechtstreekse afstammelingen van de Mohammed. En daarom volgens sjiieten de enige rechtmatige opvolgers van de profeet. Reza is de enige imam die in Iran begraven is en dat is de reden waarom Mashhad de meest heilige stad van het land is. Er komen iets van 2 miljoen pelgrims per jaar naar de tombe van de imam. Er zijn veel hotels om de bezoekers onderdak te bieden. Na een rondje onder het heilige complex gereden te hebben komen we op (hoe kan het ook anders) imam Reza boulevard. Een kilometers lange en rechte, brede straat. Na wat geharrewar stoppen we ergens. Ilona gaat kijken voor een kamer. Ik blijf achter het stuur zitten omdat we fout staan. Er verzamelen zich (ongelogen) 20 man rond de bus. Kameraanbieders, nieuwsgierigen en nog wat mensen. De politie komt er ook op af om te kijken wat de volksoploop veroorzaakt. Na wat gepraat mogen we blijven staan om een kamer te zoeken. Ilona komt terug en het hotel is te duur. De mannetjes begrijpen dit en doen nog meer hun best om ons mee te krijgen. Uiteindelijk lopen we met iemand mee. De politie achtervolgt ons, het beloofde hotel is ver van de hoofdstraat af en we komen er nauwelijks uit met het mannetje. Dan grijpt de politie in. We moeten instappen, zij brengen ons wel naar een hotel waar de bus ook kan staan. We worden afgevoerd en zijn verlost van de opdringerige types. Helaas komen we er ook niet uit bij het hotel waar de agenten ons heen brengen. Er is geen parking en het is ook te duur. Uiteindelijk trekken we toch ons eigen plan, bedanken de politie en gaan zelf op zoek. Binnen 10 minuten vinden we een goed hotel aan de boulevard, de bus parkeren we gewoon langs de straat 50 meter verderop en alles is rond. Mmm, een uur gedoe voor niks. Ach ja. De kamer is erg schoon, rustig en op de vierde verdieping. Iedere keer als je de lift naar beneden gaat, gaat er een melancholisch muzakje van Richard Clayderman aan. Als je op de begane grond aankomt, stop het opeens en zegt een vrouwelijke Schwarzenegger stem: 'Lobby..'

Mount Damavand, Iran's hoogste bergThermisch bad in eigen huis

De tombe van imam Reza is bekroond met een gouden koepel. Daarnaast staan 2 gouden minaretten. Het complex is inmiddels zo groot geworden dat je de gouden koepel nauwelijks nog ziet. En het is nog niet klaar. Rondom wordt nog verder uitgebreid, huisjes gesloopt, het is een bouwput. Hekken, zooi.

Als niet -moslim kun je het complex wel bezoeken maar de toegang is beperkt. Bij het graf kom je niet en de pleinen rondom ook niet. Als we ons melden wordt er een chador voor Ilona geregeld. Een jonge dame is onze gids. Na veiligheidscontrole komen we op het immense plein voor de tombe. Het schijnt hier in topdagen afschuwelijk vol te kunnen zijn, iets van 100.000 mensen. Bij het PR-bureau worden we afgeleverd. De dame vertrekt en een jonge man neemt het over. We krijgen een film te zien over wat we allemaal niet te zien krijgen. Daarna een religieus PR praatje over hoe goed de islam wel niet is. Het komt wat ingestudeerd over en achter de naam Mohammed volgt steevast: 'Peace be with upon him'. Toch is hij open-minded: het christendom is ook goed en er zijn eigenlijk veel zaken gemeenschappelijk. We mogen 2 religieuze boeken uitzoeken als cadeautje.

De gids laat weten dat hij 2 jaar geleden nog geen baan had, nu wel, hij heeft een huis en binnenkort (inshallah) wordt hij vader. Allemaal dankzij zijn trouwe toewijding. Als we naar buiten geleid worden, stopt hij ons een kaartje toe. Als we een gids zoeken, kunnen we hem bellen. 'But please tell nobody'. Bijklussen mag niet van zijn bazen en hij wil zijn goede baantje niet kwijt. Hij vertelt het gewoon en ook zijn geloof is eenvoudig: Voor alle goede dingen die hij nu doet, zal Allah hem straks belonen. Ilona en ik discussiëren erover. Zit dit achter alle gastvrijheid en hulpvaardigheid? Komt het uit de persoon zelf of is het de beloning in het vooruitzicht? Is het hypocriet of gewoon eerlijk en pragmatisch? En zitten niet alle systemen zo in elkaar, beloning en straf? Tsja, feit blijft dat het voor ons ook niet slecht uitpakt… wat er dan ook achter zit.

Imam Reza Boulevard, Mashhad


Famous in photoshop
In Mashhad zijn veel photoshops, waar meesters in Photoshop je portret in een achtergrond naar keuze kunnen verwerken. Het is een ware kunst en heeft een hoog kitsch gehalte. Ik maak ergens bij zo een studio een praatje met een enthousiaste jongen. Ik vertel hem mijn naam en ga terug naar het hotel.
Een dag later besluiten we een foto te laten maken en we komen langs de zaak van onze vriend. 'Mister Pieter, mister Pieter, you want photo?' Hij weet mijn naam nog en we kiezen nummer 19. Zonder de hertjes maar wel met bloemetjes rechtsboven. Met een klein pocketcameraatje worden we vastgelegd. Een uur later is de montage klaar en halen we hem op. We vrezen dat we een week later in alle photoshops in Mashhad ophangen. 's Avonds in de lift stapt een jongen in. Hij kijkt me aan en vraagt: 'Mister Pieter?'

We regelen wat we nog moeten regelen en in de regen verlaten we Masshad. Het is nog 185 km naar de grens. Er lijkt nog nauwelijks iemand ten oosten van Mashhad te wonen. Het landschap is heuvelachtig en leeg. Het enige wat we zien zijn schapen, herders en hun tenten. In dit no mans land ligt 7 km van de doorgaande weg de karavanserai van Robat-e Sharaf. Het is nauwelijks de moeite waard en we willen er niet wild kamperen. In het donker komen we aan in Saraghs, de grensplaats. Het blijkt groter en vooral levendiger dan gedacht. Er is een hotel en we halen kebab bij een ophaal-restaurant. We gaan op tijd naar bed want we willen op tijd naar de grens.

De kunst van PhotoshopHollandse klompjes te koop in Mashhad

Grens?
Die grens blijkt een dag later nog niet zo eenvoudig te vinden. Er staan geen borden. We vragen en worden een schuin weggetje ingestuurd aan het begin van het stadje. Na een paar kilometer draaien we om. In de verste verte is geen grens te zien, het leek ons al een onlogische route. Volgens ons rijden we parallel aan de grens en niet naar Turkmenistan. We rijden terug en vragen het nog eens. De politie rijdt voor ons uit naar hetzelfde weggetje. Na 10 km nog steeds geen grens. Andere kant op, zegt iemand. Geërgerd draaien we om en vol gas racen we terug naar Saraghs. Zo komen we er wel... Terug bij het begin van het stadje staan wat trucks langs de kant. 'Was het niet misschien daar?' zegt Ilona. Het blijkt inderdaad de grens.
Na het gebruikelijke heen en weer geloop en gevraag worden we doorgestuurd naar Mohammed Zadeh. Miss Mohamed Zadeh. Oh? Het blijkt een goedlachse en vooral knappe Iraanse dame met licht-gekleurde ogen. Zij vult ons Carnet de Passage in. Het zo belangrijke Carnet de Passage dat we speciaal voor Iran in München geregeld hebben. Als het goed is, hebben we het vanaf nu niet meer nodig. De stempels en handtekening zorgen ervoor dat de bus officieel Iran weer uit is en dat we bij thuiskomst, in principe, onze borg van 5000 euro terug krijgen. De laatste zorg zijn de Iraanse nummerborden. We hebben ze niet ingeleverd zoals had gemoeten (te veel gedoe) en hebben gewoon weer de Nederlandse platen op de bus geschroefd. Hopelijk begint niemand erover. De man van de politie blijkt een erg chagrijnig joch dat absoluut geen zin heeft. Met veel gezucht en gesteun start hij een computer op. Shit, als ze maar geen goed systeem hebben. Er komt niks boven water en hij tekent met pijn en moeite de visa af. We laten de grenspost achter ons en rijden de brug op die Iran van Turkmenistan scheidt. Na 2 maanden nemen we toch wel met wat pijn in het hart afscheid van Iran. We zijn het land en zeker de mensen steeds meer gaan waarderen, ondanks de dip halverwege. Aan het eind van de grensbrug staat een truck stil. Er omheen lopen soldaten met kortgeschoren koppen en bontmutsen op. Ze dragen ouderwetse pakken, laarzen en Kalashnikovs. Als ze ons zien gebaren ze meteen STOP! We staan zowat midden op de brug en wachten af wat er gaat gebeuren...