Dagboek 21: Iran, de tweede indruk

Yadz, Iran, 27 januari 2006


WAT MOT JE NOU IN IRAN?! roept Ben van Bandenservice Crooswijk als ik hem vertel dat we met onze bus een lange reis gaan maken. Terwijl ik het zeg heb ik er al meteen spijt van dat ik dit vertel. Hij kijkt me ongelovig aan en wacht op een goede verklaring.

Tsja, in het westen heeft het land nou niet echt een goede naam. En met de huidige president wordt het land niet populairder in Europa. Ook onze ideeën over Iran waren niet uitsluitend positief. Zeker de eerste 2 dagen vroegen we ons ook af of het land ons wel zou bevallen.

Soms kan een gevoel in 1 keer omslaan. Na onszelf 2 dagen opgesloten te hebben in het heerlijke hotel in Tabriz durven we de straat op. We gaan naar het Tourist Information bureau. Het kantoortje staat op betonpalen boven de grond en kijkt uit op het centrum van de stad. Binnen is het een oase van rust in de hectische stad. We ontmoeten Nasser Khan. Hij spreekt 8 talen, ziet er meer uit als een Deen dan als een Iraniër en is de baas van de Tourist information. We ploffen in de bank, krijgen thee en voelen ons meteen op ons gemak. Hij kan ons met alles helpen, we hoeven het maar te zeggen. Hij belt zijn broer om samen om met ons naar de politie te gaan voor de verplichte Iraanse nummerborden voor op de bus. Geld wisselen? Oh, daar en daar krijg je een goede koers. Wa-verzekering? Kun je ook samen met mijn broer doen. Iets decents voor de vrouw? We lopen even naar de overkant en kopen een manteau. Heb je al lunch gehad? Bij dat restaurant kun je voor 12000 rial eten, krijg je er ook nog een cola bij. Pfff, dit hadden we nodig. In het kantoortje zit ook Frederic uit Parijs. Hij is alleen op de fiets naar Iran gereden. Een echte held. Nasser nodigt ons uit om 's avonds bij vrienden te gaan eten. Ze zijn net getrouwd, hebben een nieuw huis en we zijn welkom!

Handelscentrum tijdens de Zijderoute en nog steeds in gebruik: bazaar van Tabriz


Foreman en Linda, een jong Iraans stel en vrienden van Nasser, pikken ons 's avonds op en met een taxi gaan we naar het huis van Yassar en Lovin. Daar blijkt dat er twee werelden in Iran zijn. Hoofddoeken gaan af, ze hebben (illegale) satelliet-tv waarop alles te zien is en er wordt ronduit gepraat. We krijgen een overvloed aan eten, kletsen met z'n allen en het is erg gezellig. Yasser is een exportmanager in een chocoladesnoepjes bedrijf. Lovin is zijn kersverse echtgenote en is Koerdisch. Ze spreekt geen engels en is eigenlijk alleen maar in de keuken bezig. We vermoeden dat ze al de hele dag in de keuken staat, gezien de hoeveelheid eten en de zorg die eraan besteed is. 'Ons nieuwe huis krijgt een grotere keuken', zegt Yasser, 'want dan is Lovin gelukkiger'. Blijkbaar heeft ze geklaagd over de beperkte omvang van haar domein. We prijzen hem gelukkig met zo een toegewijde vrouw die zo lekker kan koken..
Ondanks dat het jonge mensen zijn die niet erg veel op hebben met hun regering is de rolverdeling traditioneel. Zelfs voor Foreman en Linda, en met name Linda die erg progressief en kritisch op de regering is, zijn bepaalde westerse zaken (vrijheden) ondenkbaar. De avond is erg gezellig en ontspannen, ondanks dat we elkaar nauwelijks kennen. Het doet ons gevoel over Iran verder veranderen. We besluiten om de volgende dag met zijn 5-en (Linda en Foreman, Frederic en wij twee) samen te gaan skiën.


Skigebied op Mount Sahandkuh (3710m)

Dagje skiën bij Tabriz
Iedere vrijdag is er de mogelijkheid om met ALP Tours & Travel Agency een dagje te gaan skiën (in de winter). Via Nasser, van het Toeristen Informatiebureau, schrijven we ons in en samen met een Franse jongen Frederique en een Iraans stel Linda en Foreman (de avond ervoor ontmoet bij vrienden van Nasser) gaan we die dag naar de sneeuw! Echt voor het skiën gingen we niet maar eigenlijk meer uit nieuwsgierigheid en voor een dagje uit tussen de Iraanse mensen.

Om stipt 7.30 uur stonden we voor een gesloten deur van ALP Tours. Uiteindelijk kwamen ook andere mensen, hebben we skischoenen gepast en moesten we lang wachten totdat de bus er was. Blijkbaar lag er nog sneeuw op de weg en moesten we met kleinere bussen daar naar toe worden vervoerd.
Het ski-resort was net nieuw en erg klein. Er was 1 skilift en als je wilde oefenen dan moest je zelf iedere keer met je ski's omhoog lopen. De skipiste was niet geprepareerd dus het was voor mij erg zwaar om na lange tijd weer op slechte skilatten op een niet-geprepareerde skipiste te staan… Na een keer omhoog te zijn gegaan, kwam ik doodmoe beneden en had ik het eigenlijk al weer een beetje gehad. De anderen waren wat aan het oefenen aan de zijkant maar ook dat was erg vermoeiend. Geen goed ontbijt en de hoogte (waarschijnlijk meer dan 3000 m) speelden parten. De omgeving was echter schitterend! Tegen de middag begon het op te knappen en hadden we een heerlijke zon. Ook werd het steeds drukker met allerlei mensen. De meeste mensen kwamen niet voor het skiën maar veel meer voor het eruit zijn (vrijdag is zoals de zondag voor ons) met de familie en om lekker wat in de sneeuw te zijn.

Een dagje tussen de Iraanse mensen is het zeker geworden! Na de ski's uit te hebben gedaan, hebben we onze ogen uitgekeken naar alle verschillende mensen om ons heen. Je zou verwachten dat iedere vrouw een hoofddoek op heeft en zo min mogelijk opvalt; nou, het was meer het tegenovergestelde. Veel jonge vrouwen zagen er net zo flitsend uit als bij ons op de skipistes! Sierlijke mutsen, make-up, flitsende zonnebrillen en zeker geen chadors en saaie hoofddoeken. Ook de jongens lieten van zich blijken en waren erg uitgelaten. Daarnaast waren er ook vrouwen juist wel in chador (zwart kleed om zich heen) met man en kind en ook zij keken volgens mij hun ogen uit.
De mensen waren vrolijk en er werd makkelijk contact met elkaar gemaakt. Iedereen wilde wel even met de 'buitenlanders' praten (we waren de enigen).
In deze omgeving was het contrast tussen rijke, moderne jongeren en meer traditionele ouderen erg groot. Wij hebben in ieder geval ook een andere kant van Iran gezien met meer vrijheid en Westerse ideeën. Waarschijnlijk zal in deze omgeving meer getolereerd worden dan in het gewone, dagelijkse leven.

  
  
  
Veel geregel, drukte en dringen op het politieburo, uiteindelijk toch gelukt: tijdelijke Iraanse identiteit voor de blusbus

Iraans nummerbord
Aan de grens was ons verteld dat de bus voorzien moet worden van Iraanse nummerborden. Dit is nieuw voor ons, hier hebben we nooit iets van gehoord. Van de douane krijgen we een formulier waarmee we naar de politie moeten in Tabriz. 'No problem', zegt de beambte, het is een nieuwe regel maar slechts een formaliteit.

Samen met de jongere broer van Nasser (vlotte kerel, leren jekkie, stoppelbaardje en altijd charmant lachend) gaan we naar de politie. Dat blijkt ergens 5 kilometer buiten de stad, op een plek waar ook de rijexamens gedaan worden. Het is er erg druk en hectisch. Helaas is het donderdagmiddag en zijn ze aan het sluiten. Vrijdag is wat onze zondag is in Iran en donderdagmiddag wordt alles al rustiger (zeker bij de overheid). Helaas, we moeten dus terugkomen. We regelen nog wel net een WA-verzekering, in Iran geen overbodige luxe gezien het rijgedrag van iedereen. Nasser's broer blijkt deuren te kunnen openen die eigenlijk al dicht zijn.

Twee dagen later doen we een nieuwe poging. Het blijkt dat we eerst naar de bank moeten om 200.000 Rial (kleine 20 euro) te betalen aan tax. Ik ren achter Nasser's broer aan (Ilona is weer op een bankje geparkeerd). Met de kwitantie gaan we weer naar het politiebureau. Het is er nog drukker dan de vorige keer, het is maandagmorgen zeg maar, en er zijn veel rijexamens. Blijkt dat we niet bij de bank in Tabriz hadden moeten betalen. Ondanks het praten van Nasser's broer is de klerk onverzettelijk. Het geld moet weer opgehaald en ter plekke betaald. Nasser's broer pakt een taxi en net voor sluitingstijd is hij weer terug. Ons chassisnummer wordt gecontroleerd, handtekening hier, papiertje daar, alles kopiëren, stempel van die en weer inleveren bij een ander uniform. Soms staan er 20 roepende mensen voor het bureau van een politieofficier die onverstoorbaar de papieren invult. Nassers's broer lacht zich overal door de mensenmassa heen en na veel papieren, formulieren en nog wat betalen krijgen we eindelijk onze 2 nummerborden. Welkom to the islamic burocratie of Iran. Alleen hadden we dit niet voor elkaar gekregen (of het had ons 2 weken gekost). Het zou een stuk praktischer zijn als je nummerbord en verzekering meteen aan de grens zou kunnen organiseren, samen met het invullen van het Carnet de Passage. Maar goed, het is geregeld.

Overdekt publiek washuis in Zanjan

We blijven nog een dag of 2 in Tabriz om wat te relaxen. Door alle geregel voor de auto en sociale afspraken worden we een beetje geleefd. Tabriz is de hoofdstad van de provincie Azerbayjan. De bewoners zijn Azeri en hun moedertaal is geen Farsi, maar een mix van Turks en Perzisch. Voorlopig kunnen we onze (beperkte) Turkse woorden-schat nog gebruiken. Gaan nog een keer eten bij Foreman en Linda en nog een keer samen uiteten. We eten een typisch Azari gerecht genaamd Dizi. Dat is een soort stoof van lamsvlees, kikkererwten en groente. Ook de manier van eten is speciaal. Snipper in een kom nan (brood). Pak een stukje brood en gebruik dit om het hete koperen potje vast te pakken waar de Dizi in zit. Gooi dan het waterige gedeelte van de Dizi in de kom en eet dit als een soort soep. Daarna gooi je het dikkere gedeelte van de Dizi in je kom. Met de speciaal bijgeleverde stamper prak je de hele boel en werkt dit naar binnen door met je brood te scheppen.

Linda en Foreman zijn erg bezorgd over ons. Al tijdens het skiuitstapje vragen ze voortdurend of alles ok is. Ook willen ze graag dat we Iran leuk vinden. Ze zijn zich erg bewust van het negatieve imago dat hun land heeft. Vooral Linda uit openlijk kritiek op haar regering, iets wat niet iedere Iraniër haar in dank afneemt. Waarschijnlijk moet ze er ook wel een beetje voorzichtig mee zijn. We drukken haar op het hart dat we Iran beoordelen op de mensen en niet op de politiek. Ook maken we kennis met wat Ta'arof heet. In het kort is Ta'arof een sociale omgangsvorm waarin mensen je zaken (voor een groot stuk uit beleefdheid) aanbieden (die ze soms helemaal niet kunnen waarmaken). Het is gepast om dit een aantal keren te weigeren (zodat de aanbieder zijn aanzien kan redden). Pas als ze blijven aandringen (in de regel 3 keer) kun je ingaan op hun aanbod. Dit kan erg tricky zijn.
Zo bieden Linda en Forman aan dat we bij hun kunnen blijven slapen. We bedanken voor het aanbod maar weigeren beleefd. Ok, zeggen ze. Waarschijnlijk was het niet echt de bedoeling dat we bij hun zouden intrekken. Ook met eten doen ze dit. Ze bieden jou altijd iets aan ook al hebben ze zelf dan niks. Andersom werkt dit ook. Linda en Froman weigeren altijd iets wat je hun aanbiedt. Je moet dus blijven aandringen en dan pakken ze wel dat koekje of iets anders. Klagen doen ze ook niet. In principe is er geen probleem. Pas als je wat langer doorvraagt, blijkt er toch soms wel iets dwars te zitten. Het is een hele sensitieve manier van met elkaar omgaan maar ook een hele indirecte. Je moet je voortdurend bewust zijn van de ander. Het is erg wennen voor mensen die gewend zijn om zelf te zeggen wat ze ervan vinden en te vragen wat ze nodig hebben.

Uitzichten onderweg

Mad Max
Het autorijden door Iran heeft een hoog Mad Max (de film) gehalte. Je ziet compleet gecrashte trucks, op de kop liggend met lading en kleren ernaast. Bestuurders stoken vuur onder vrachtauto's om de boel te ontdooien (ook in Iran is het winter, vriest het nog flink en ligt overal sneeuw). Er worden autobanden verbrand langs de weg waar men zich aan warmt. Een gevaren driehoek is een autoband op de weg of een rijtje stenen. Grote Mack-trucks met tankopleggers denderen voorbij. Brandstof kost niks, maar dieseltankstations zijn schaars en niet aangegeven. Soms zie je mensen wuivend met lege jerrycans langs de weg. Na zoeken vind je rijen trucks die staan te wachten om te tanken. Met lopende motor aan gaat het tanken aan 1 stuk door, jerrycans worden gevuld, het stinkt er want alles zit onder de diesel. Er wordt veel gesleuteld langs de weg of gerommeld met brandertjes. Sommige plaatsjes langs de weg bestaan uit 1 lange straat die op een grote werkplaats lijkt. Overal banden, autoresten, onderdelen en zwarte mannetjes in overalls. En er zijn geen verkeersregels! Alles mag en gebeurt dus ook. Het meest enge zijn de idiote inhaalmanoeuvres; het ergste wat we meemaken is als we achter een paar auto's rijden en een tegemoetkomende truck ander trucks aan het inhalen is. Hij kan niet meer op tijd terug invoegen en wijkt vol gas uit naar de zandstrook links van hem, naast de weg. Met verkrampte handjes rijden we tussen de aan 2 kanten tegemoetkomende vrachtauto's door..

Traditionele huizen van welgestelden in Kashan


Het gevoel van het Midden-Oosten
Vanuit Tabriz (noordwesten) besluiten we om wat kilometers te maken. We rijden naar het oosten richting Teheran. Onderweg overnachten we in Zanjan en Qazvin. Het wordt nog een keer koud 's nachts (-18 C) en uit voorzorg evacueren we alle vloeistoffen uit de bus die kunnen bevriezen. In Qazvin verlaten we de weg naar Teheran en rijden naar het zuiden. Uiteindelijk rijden we de witte bergen uit en zien we beneden een bruine vlakte. Lager staat een palmboom en een kameel dus zijn we in de woestijn! Kashan ligt aan de rand van de Dasht-e Kavir. Deze woestijn vult een groot gedeelte van centraal Iran. Het verlaten van de bergen met sneeuw en de hogere temperatuur buiten geeft een soort over-de-Alpen-gevoel. De winter, waar we ons zoveel zorgen over maakten ligt achter ons (voorlopig, Centraal Azië komt nog) net als het bergachtige grensgebied met Turkije. Voor ons ligt het middenoosten! Tenminste, zo voelt het. In Kashan wordt dit gevoel nog versterkt. Het is een stad met lemen woestijnhuizen en met een gevoel van middenoosten: waterpijp ('hubble bubble') roken op een soort zitbed dat bekleed is met carpetten, de sfeervolle bazaar, moskeeën met turkooizen tegeltjes. Maar Kashan is vooral aantrekkelijk vanwege zijn traditionele huizen.

Shahzadeh-ye Ibrahim tombe, Kashan

Hoe bevalt Iran na 2 weken?
Om maar meteen het grootste misverstand uit de wereld te helpen: Iraniërs zijn geen enge, fanatieke moslims die alleen maar 'Dood aan Amerika' schreeuwen en een fundamentalistische regering steunen die de tijden terugzet naar de middeleeuwen. Dat beeld is na de islamitische revolutie van Khomeini ontstaan. Daarvoor zag men Iran als een modern en ontwikkeld land, misschien omdat de contacten met Amerika goed waren. Veel Iraniërs reisden of studeerden in het buitenland. Er is dus een groot verschil tussen imago en werkelijkheid. Iraniërs zijn gastvrij, tolerant en vooral nieuwsgierig.

Iran is niet Arabisch en is de enige sji'ietische staat ter wereld. Veruit de meerderheid van de moslims in de wereld is soenniet. Na de dood van Mohammed ontstond er op een gegeven ogenblik ruzie over zijn opvolging. Volgens de sji'ieten is Ali (Mohammeds schoonzoon, de eerste van de 12 imams) de rechtmatige opvolger van de profeet. Volgens de soennieten ligt de opvolging bij Abu Bakr en het het kalifaat. Door dit meningsverschil ontstond er een splitsing in de moslimwereld, zoiets als katholiek en protestants in het christendom.

Je moet er even doorheen in Iran. Turkije is makkelijker wat dat betreft maar misschien ook wat oppervlakkiger. Als je wat beter contact krijgt met Iraniërs zijn ze erg gastvrij. Soms zeggen ze 'Welkom to Iran' tegen ons op straat, krijgen we spontaan een hand, snoepjes of dadels toegestopt. Soms word je uitgenodigd bij mensen thuis, of krijg je een visitekaartje. Als er iets is, mag je bellen.

Iraniërs zijn zakelijk met geld. In hotels gelden duurdere prijzen voor buitenlanders. Het vervelende is dat je het idee krijgt dat dit een algemeen, geaccepteerde regel is dus dat je overal meer betaalt (lees: wordt afgezet). Of je krijgt te weinig wisselgeld terug. Misschien is dit wel het meest irritante van Iran.

Spiegeltegels in restaurantBlauwe lampen in fontijn Guesthouse in Kashan


Het land is intensief en kost veel energie: van 's ochtend vroeg tot 's avonds laat ben je zaken aan het uitzoeken of regelen. De meeste bordjes zijn alleen in Farsi en de meeste mensen spreken ook alleen Farsi. Het begint al met het zoeken naar een ontbijt, dan de weg vinden met de auto, slaapplaats, restaurant, soms een taxi. Daar komt nog bij dat Iraniërs erg nieuwsgierig zijn. Dat is soms erg vermoeiend. Je wordt veel nagekeken, aangesproken ('Where are you from?') of nageroepen ('Hello mister, hello, hello, hello!!').
Je krijgt als buitenlander veel (en soms zeer ongewenste) aandacht, met name Ilona.

Op tv is 3x niks. Het is statisch en de nieuwslezeres ziet eruit als een nonnetje. Vaak religieus getint met gezang en Koranteksten of een geestelijke die urenlang in beeld is. Als ze niet weten wat ze moeten uitzenden, zie je beelden van de Islamitische revolutie van 1979 of beelden van de oorlog tussen Iran en Irak (1980-1988) afgewisseld met portretten van de martelaren, de gesneuvelde Iraanse militairen (en er zijn er veel gesneuveld). Of beelden van sneeuw, voorgrond scherp..... achtergrond scherp.

Iran is het land van de zwarte spoken. Ongeveer 50% van de vrouwen loopt in een chador (in de moderne stad wat minder, in traditionele gebieden wat meer). Het is triest om te zien dat de helft van de bevolking zich (verplicht of vrijwillig) onder een zwarte tent verstopt. Ik zal er nooit aan wennen. Vrouwen kruipen nog meer in hun chador als ze een westerse man zien. Maar jonge meiden dragen geen chador of de chador vaak losser en staan wel open voor (oog)contact. Ze zeggen stiekem 'Hello' en lopen giechelend door.

De meeste Iraanse mannen hebben geen baard.

Iraniërs houden van kitsch en versiering. Dat maakt dat het land er niet uitziet als een somber gereformeerd bolwerk. Mensen lachen en draaien muziek. Er zijn veel posters, gekleurde lampjes, aquariums, spiegeltjes en nepbloemen.

Ondanks de sjari‘a, de islamitische wetgeving, merk je daar als buitenlander weinig van. Op straat ziet het natuurlijk zwart van de chadors maar de sfeer is open en normaal. Mensen lopen niet depressief rond en kijken niet schichtig om zich heen, bang voor geheime politie. Je kunt alles kopen. Maar er is geen alcohol en geen bloot (en het is al snel bloot: Playboy is natuurlijk ondenkbaar maar ook mode tijdschriften zijn taboe en ergens waren zelfs de ogen en mond van dames op pakjes haarverf onherkenbaar gemaakt). De invloed van de nieuwe, conservatieve regering merk je gelukkig niet. Als inwoner van Iran heb je het waarschijnlijk wat minder makkelijk. Jongeren vertellen ons dat ze elkaar niet en-public mogen ontmoeten. Als ze betrapt worden, kan dat vervelende consequenties hebben. Er is dus veel stiekem gesmoezel. En subtiele tekens. Gelakte nagels, hoofddoek net wat verder naar achter, opgemaakte ogen, een versierd randje aan de chador. Vrouwen hebben weinig rechten. Zo telt voor de rechtbank de getuigenis van een vrouw maar voor de helft. Ook op het gebied van scheiding, erfenis en kinderen trekken vrouwen vaak aan het kortste eind.


Onmiskenbaar Iran: Paykan bij tankstation onder het oog van ayatollahsAfbeelding op straat van een martelaar uit de Iran-Irak oorlog


Je merkt dat Iraniërs goed ontwikkelde mensen zijn. Ze zijn clever en snappen waar het over gaat. Op straat is er in sommige opzichten een groot verschil met Turkije: bijna geen zwerfhonden en -katten, minder rommel, veel minder mensen roken. Bij jonge mensen voel je dat ze vooruit willen. De overheid vormt de beperking, niet de mensen. Het feit dat er niet te kiezen valt, is het grootste bezwaar.

Ayatollah Khomeini is nog steeds overal. Meestal samen met ayatollah Khamenei.

Ondanks het feit dat je een westerling bent (een ongelovige en je regering misschien de Grote Satan, Amerika steunt) wordt je overal vriendelijk en open ontvangen. Mensen trekken zich niets van deze clichébeelden aan. Dat vind ik erg opmerkelijk en bewonderenswaardig. Mensen zien je als mens, niet als onderdeel van politiek. Holland is overal 'good!' Ga eens na hoe in het westen in het algemeen op Iraniërs gereageerd wordt. Iraniërs die wij gesproken hebben, hebben ook vaak kritiek op hun regering. Maar het is natuurlijk een beperkte groep die wij ontmoeten. Ze zijn rijker en waarschijnlijk moderner dan gemiddeld, vaak jong, spreken Engels en hebben internet en sateliet-tv. Ze zijn meer naar buiten georiënteerd, houden van pizza, cola en spijkerbroeken. Toch zijn ook jongeren overtuigd moslim. Ze zetten zich niet af tegen hun geloof, maar hebben er een ander visie op.

De straat oversteken is nog slechter voor je nerven dan autorijden. Je moet gewoon gaan lopen en hopen dat het chaotische, drukke verkeer om je heen rijdt en je de overkant bereikt. Inshallah.

Links:

Vakantiefoto's van Tabriz
Foto's van Kashan