Dagboek 15: Konya en Cappadocië (vervolg)

Cappadocië bestaat uit tufsteen. Dit is vulkanisch as, dat is samengeklit en hard geworden is. Het spul blijft poreus; in Cappadocië zijn woningen, kerkjes en zelfs complete ondergrondse steden uit het tufsteen gehouwen. Göreme ligt in een vallei waar de tufsteentorens door erosie uitgesleten zijn uit het omliggende plateau. Aan de rand van de vallei zie je nieuwe torens ontstaan. De torens hebben vaak de vorm van een kaboutermuts. Ze staan overal en er zijn vroeger veel woningen in gemaakt. Het landschap en gesteente rond het plaatsje heeft vele vormen en gedaantes. Er zijn valleien, championvormen of fallusvormen (afhankelijk van je gezichtspunt), torens met een grote dikke kei erop van een harder gesteente (aardpiramides) en de konisch gevormde kaboutermutsen of 'feeënhaarden', genaamd wegens hun sprookjesachtige aanblik.

Buitenaardse sferen in Cappadocië


De volgende dag gaat Willem richting het Erciyes-gebergte om nog een paar dagen te skiën. Wij bezoeken het Göreme Open Air museum. Een verzameling van 7 Byzantijnse kerkjes, uitgekapt in de tufsteen. Bijzonder mooie fresco's. In Kaymakli bezoeken we een ondergrondse stad. Je voelt je als een muis in een Emmentalerkaas. Overal gaatjes en gangetjes, een doolhof en vooral smal en klein; ideaal voor Japanners en het moet een horror zijn voor dikke Amerikanen. De stad kon duizenden mensen herbergen en is volgens onze reisgids uitgerust met verdedigingswerken en een uitstekend ventilatiesysteem.

Meskendir ValleyLove Valley Rose Valley


We wandelen door de diverse valleien rond Göreme. Witte steen en tunnels in de Meskendir Valley en de Rose Valley bestaat uit rose gesteente aan de voet van de tafelberg. In de Love Valley lopen we onder langs de stenen megapiemels. Al toerend komen we terecht in Ürgüp, een ander plaatsje in Cappadocië. We zoeken een hotelletje want ik word ziek. Na een warme douche en een nachtje rillen in bed is de koorts weer verdwenen.
Als afterkuur gaan we eindelijk een keer naar een hamam, een Turks bad. In een Turks bad is geen bad. Het is een laag gebouw verschillende ruimtes. Boven iedere ruimte is een koepel of koepeltje met lichtgaten erin. Het interieur is van marmer (er is volop marmer in Turkije dus daar doet men niet zo moeilijk over). En in bijna ieder Turks stadje is een hamam. Het gaat als volgt: je komt binnen, je kleed je om, je neemt een verkoelende douche, je stapt in de sauna, dan ga je 10 minuten liggen op een verwarmde marmeren verhoging onder de centrale koepel. Dan komt er een mannetje binnen met een doek om zijn middel en word je meegenomen naar een kleinere ruimte onder een zij-koepeltje en ge-scrubt. Scrubben is stevig onder handen genomen worden met een grof washandje. Het resultaat zijn dan lappen oud vel (en zorgvuldig gekweekte bruine tint) van je huid wordt gescrubt. Dan neemt zijn collega het over voor de massage. Je verbaast je over hoe sterk een pezig mannetje van maximaal 60 kilo kan zijn. Na een douche kun je weer bijkomen door 10 minuten op de marmeren plaat te liggen. De behandeling is klaar, je kunt zo lang je wilt nog blijven hangen in de sauna, de centrale ruimte of de douche.

Vrouwen in Göreme


We krijgen niet genoeg van Cappadocië. Onderweg terug naar Göreme kijken we vanaf de panorama's langs de weg uit over het plaatsje en de omliggende valleien. Normaal staat het hier waarschijnlijk vol met souvenirkraampjes maar nu zijn we helemaal alleen. De lage gele winterzon schijnt op de tafelberg. We zien de berg Erciyes vol sneeuw in de verte. De kou en het wit vormen een mooi contrast met de warme aardkleuren van de grillige rotsvormen. We realiseren ons dat we op een heel speciale plek zijn op een bijzonder moment. We huren een kamertje in een kaboutermutstoren. Een dag later valt er ook in Göreme sneeuw en dat maakt het sprookje in ons gezellige smurfenhuis compleet.

Ilona schrijft: "Ik zit nu (dinsdag 20 december 2005) heerlijk in onze cosy-cave wat te rommelen. Het warme kacheltje staat voor me en ik zit in het gezellige zithoekje wat bestaat uit kilim-kussens en een klein houten tafeltje (grondhoogte). Na weer een paar dagen camping hadden we wel erg veel zin om toch nog in een echt grothuisje te slapen. Hier in Göreme (Cappadocië) is dat iets wat je toch eigenlijk wel gedaan moet hebben. Zo krijg je ook wel een beter beeld van hoe mensen vroeger in deze stenen huisjes moeten hebben geleefd. Het landschap ziet er heel bizar maar erg mooi uit. Overal heb je van die stenen torens van een meter of 50 hoog waarbij sommige bewoond zijn of waar je nog de overblijfselen van ziet. Het zijn eigenlijk kleine Dolomietjes maar dan van een soort poreus zandsteen".


Koepel in hamamOnderaardse gangen en gaten in Kaymakli


De sneeuw op de wegen gebruiken we als excuus om nog een dag te blijven. Na weer een superontbijt rijden we verder. Via de stad Kayseri rijden we door bergen met veel sneeuw. Gelukkig zijn de wegen sneeuwvrij en goed.

Byzantijnse fresco in de 'Dark church' in het Open Air MuseumPrimitieve tekeningen in de kapel van St. Barabara


Los van de gewoonte?
Na de luxe van het guesthouse besluiten we tot een andere aanpak: we rijden vanaf de doorgaande weg een modder-spoor in naar twee eenvoudige huisjes. Gemaakt van betonblokken, niet afgewerkt, slechtst 1 verdieping hoog en uit stekend ijzer voor eventuele uitbreiding. In een kleine omheining zitten -tig zwarte geiten. We parkeren de bus in een soort groeve, een meter of 50 naast het huis. We lopen richting een jongen met hoedje en laarzen, die langzaam naar ons toe komt. 'Merhaba' (hallo). 'Merhaba, my name is Mustafa' . We zeggen dat we hier graag willen kamperen en vragen of dat mag. Het is geen probleem. Zijn vader komt nu ook langzaam aanlopen met dezelfde nieuwsgierig en beetje argwanende blik. (Wat is hier nu geland?). Willen we mee-eten? Nee, nee, we hebben zelf eten. Çay (thee) dan? We gaan mee naar de woning, het huis 100 meter lager. Het is erg basic. Ook grijze betonblokken, niet gevoegd, geen aankleding. Op de grond ligt een allegaartje van verweerde tapijten. Wel staat er een grote, kleuren tv aan en er is dus elektriciteit. We krijgen de enige zitplekken die niet op de grond zijn, de kachel wordt opgestookt en onze jassen worden opgehangen. De familie bestaat uit vader + moeder + zoon van een jaar of 18 en een oudere zoon getrouwd en drie kleine kinderen. Men heeft toch eten gemaakt en we eten mee. Op de grond wordt een soort groot dienblad neergelegd van een meter doorsnee. Daarop schalen met een soort rijst of tarwe-couscous plus kommetjes met een soort tomatenbouillon met aardappel en stukjes gekookt schaap. Men schuift ons ieder een bakje toe maar we delen want er zijn niet genoeg bakjes. We krijgen er zelfgebakken brood bij (lijkt op Chapatti) en zelfgemaakte Ayran, een yoghurtdrank. Iedereen eet van dezelfde schaal en pakt met brood de rijst. Het smaakt goed maar we realiseren ons dat het basic eten is wat de mensen hebben en niet veel. Na het eten thee, de baby wordt verzorgd en ik communiceer met zoon Mustafa in een beetje Engels en met veel tekeningen in mijn boekje. Opa heet ook Mustafa net als zijn vader en de vrouwen heten Elif. Verder gaat het over de hoeveelheid koeien, geiten, wat ze moeten opbrengen en we leren de Turkse namen van de dieren. Het is moeilijk en vermoeiend communiceren.

In de bus discussiëren we over wat we hebben gezien. Ilona vindt dat het af en toe ook met wat minder kan en ze heeft gelijk. Ik word me bewust dat ik eigenlijk maar een rijke westerling ben die deze reis kan doen met z'n laptop, camera, gsm en ander high tech spul. Daarnaast kan ik alles kopen in de supermarkt, (duur) vlees, filterkoffie, bier, Danone-toetjes en 3 soorten kaas. Als iets ontbreekt, zeur ik dat er niets is terwijl deze mensen echt niets hebben. Stof tot nadenken. Misschien eens beginnen met tevreden zijn met wat er allemaal wel is. Misschien is de uitdaging voor mij in deze trip wel om mijn luxepatronen te leren loslaten. Misschien is dat voor mij wel het verschil tussen een lange vakantie en een reis.

Logeren in een smurfenhuisje


Service in Kahramanmaras
De bus heeft een dubbele controleknop (inclusief controle van de knop zelf) voor de koelvloeistof- en het olienivo.
's Ochtens gaat het lampje van de olie niet branden en dat betekent dat het olienivo gecheckt moet worden. De peilstok geeft aan dat het beneden minimaal is. Shit, dit is wel erg laag. Ik kruip onder de bus en vind verse oliesporen achterop het motorblok. Een lek?? Het lijkt erop, we moeten naar de garage. We zijn gisteren een kilometer of 20 gestopt voor de stad Kahramanmaras dus dat komt goed uit. We vullen bij en voorzichtig rijden we naar de stad. Op een tankstation vragen we naar een garage. Niemand spreekt echt Engels dus een jongen gaat met ons mee om de weg te wijzen. Net buiten de stad zijn vele werkplaatsen en garages. Er blijkt ook een officiële Toyota garage te zijn. Onder het motto van 'als er onderdelen moeten komen moeten we toch bij Toyota zijn' gaan we er heen. We maken duidelijk dat er een probleem met de olie is en dat we, als de auto op de brug staat, kunnen aanwijzen wat we bedoelen. Een monteur doet een wit Toyota plastic over de stoel en een rode, stoffen hoes om het stuur. 'Ai, dat word niet goedkoop', denk ik. We krijgen thee (uiteraard), de baas komt erbij en een man of 5 aan personeel. Auto omhoog, veel praten, wijzen, niemand spreekt Engels, mee naar de computer, er zit een Turks-Engels en vv. programmaatje op. 'Leak?' 'Yok', het is er niet. Een pakking is weg. De baas leert dat de uitdrukking 'No problem!' met een wegwuifgebaar duidelijk maakt wat hij wil zeggen.

Theehuis en de buurt van de bazaar in Sanliurfa

Moet de olie eigenlijk niet worden ververst?, vragen we ons af. Dit wilden we onderweg sowieso een keer laten doen. De hoofdmonteur maakt ons duidelijk dat dit misschien geen slecht idee is en eigenlijk al gebeurd had moeten zijn. Wat kost dat dan? De baas telt uit: een liter olie kost 6 lira keer 7 en een oliefilter (original Toyota, zegt hij) 16 YTL. 56 dus, hij maakt er 50 Turkse lira van (=30 euro). En arbeid dan? 'Yok', 50 lira total. We geloven onze oren niet. De baas is nieuwsgierig en wil graag weten wat dat in Ollanda dan kost. Het filter alleen al iets van 27 euro. Hij lacht en is verbaasd over de belachelijk hoge prijs. 'That's Toyota' zeg ik, doelend op de dure reserve onderdelen. Ze gaan aan de slag en uiteindelijk zijn we een uur of 2 in de garage. Daarin wordt de olie vervangen, de kardanolienivo's gecontroleerd, de koelvloeistof gechekt (kan tot min 25, zien we), het luchtfilter schoongeblazen, de ruitenwisservloeistof bijgevuld met -68 Siberiëspul, de sloten ingevet tegen de vorst en de deurrails gesmeerd, de bus waar het spul uitkomt in onze auto gelegd en tot slot wil men de bus ook nog wassen na ons uitje in de blubber. 'Nou, dat hoeft niet' zeg ik zuinig. 'Washing no money' zegt de baas, 'service!' 'In Holland nothing service' zegt Ilona en hij moet erg lachen. We rekenen af en de rekening bedraagt nog steeds 50 Lira. Een laatste doekje over de bus, ze staan allemaal buiten en we bedanken ze en geven het hele rijtje een hand. Zoals je dat alleen in een reclame filmpje ziet en waarbij iedereen bij denkt 'jaja, zo gaat dat, maar alleen in een reclamefilmpje' worden we door de baas, zijn 4 monteurs plus het hulpje uitgezwaaid. Ongelofelijk. Mocht je ooit een probleem hebben met je Toyota: ga naar Karamanmaras, een betere garage is er niet! Verbaasd over deze speciale behandeling gaan we op weg naar Mount Nemrut.


Links:

Willems website