Dagboek 15: Konya en Cappadocië

Sanliurfa, Turkije, 24 december 2005


Sanliurfa, deze stad is ook bekend onder de naam Urfa en is een pelgrimsoord omdat de grote moslim profeet Ibrahim (Abraham in het christendom) hier geboren is en omdat hij hier als een wonder gered werd van de toorn van koning Nimrod. De legende gaat dat toen Abraham op een dag heidense goden aan het opruimen was, koning Nimrod zich ergerde aan dit onbesuisde gedrag. Hij liet Abraham op de brandstapel binden en deze aansteken maar het vuur veranderde in water en het gloeiende kool in vis. Abraham werd de lucht in geslingerd vanaf de heuvel waarop nu het fort ligt, maar hij landde echter zacht in een bed van rozen. Onderaan de berg waarop het oude kasteel ligt, is dit verhaal op symbolische wijze nagebouwd. In een park met diverse moskeeën zijn twee bassins waarin water stroomt. In dit water zitten gewijde karpers. Men gelooft dat iedereen die een karper vangt, blind zal worden. De beesten worden dan ook vertroeteld en zijn waarschijnlijk de meest vette vissen van heel Turkije. Naast de bassins zijn grote rozenperken.
Het park is een oase van rust in vergelijking met de rest van Sanliurfa. In de stad merk je de nabijheid van het Middenoosten; de grens met Syrië is nog geen 60 km zuidelijker. Mannen hebben een drollenvanger aan (broek met strakke pijpen, kruis ergens net onder de knieën) en soms een palestijnensjaal om hun hoofd. Ilona wordt door iedereen aangestaard, het verkeer is veel hectischer, de stad veel levendiger. Meer India. En een grote modderpoel omdat het regent.

De tombe van Mevlana in KonyaMarkante turkooizen toren op het Mevlana museum

Mt. Nemrut
Gisteren zijn we in Sanliurfa aangekomen vanaf Mount Nemrut. Nemrut is een berg van 2150 meter en ligt in een Nationaal park. Het bijzondere aan de berg is dat een koning, genaamd Antiochus (64 - 38 v. Chr.), op de afgelegen top van de berg aan twee kanten grote beelden heeft laten bouwen. Tussen de 2 rijen beelden werd een kunstmatige heuvel van 50 meter hoog gebouwd. Door aardbevingen zijn de meeste beelden onthoofd. Tegenwoordig staan de hoofden, die een meter of 2 hoog zijn, verspreid rond de top. Het is een mysterieuze plek en een bekend icoon van Oost-Turkije geworden. Een dag eerder zagen we de besneeuwde berg in de verte uitsteken boven het uitgestrekte bruine landschap. 's Nachts op de camping begint het te regenen. En we weten dat regen beneden vaak sneeuw hogerop is. In goede omstandigheden kun je tot een meter of 600 van de top met de auto komen. De weg vanuit het dorp schijnt smal en steil te zijn en is een kilometer of 12 lang. We rijden in de mist omhoog. Regen gaat over in sneeuw en ondanks onze 4x4 en pas aangeschafte sneeuwkettingen durven we het niet aan. Honderd meter na de ingang draaien we om en rijden de berg weer af. Helaas…

'Whirling Dervishes' tijdens het Mevlana Festival in Konya

Vanaf het Nemrut Nationaal park rijden we door een desolaat gebied. Het regent, de wolken hangen 30 meter boven ons en het landschap is eentonig, leeg en ongezellig; een plateau bezaaid met donkere rotskeien. De weg is voor kilometers recht en we worden af en toe nagestaard door een herder met Arafat-sjaal onder een plastic zeiltje. We passeren Siverek, een stad op het plateau. Het lijkt een groot vluchtelingenkamp. Vies van de modder, onafgemaakte betonnen huizen en veel rommel. Mensen dwalen wat rond in de zooi of hangen langs de weg. Is dit al Koerdisch gebied? Onderweg zagen we tentenkampen en meer militaire aanwezigheid. Of zijn het gewoon een soort nomaden? We weten het niet. Koerdisch gebied zou pas veel oostelijker moeten zijn. Misschien de nabijheid van Syrië? Het is in ieder geval somberder en wat meer gespannen dan wat we gewend zijn in Turkije. Misschien is het gewoon het slechte weer of het contrast met sprookjesachtig Cappadocië?

In Cappadocië zijn we terecht gekomen nadat we uit het klimgebied bij Antalya vertrokken zijn. Na 12 dagen kunnen we de gezellige plek bij Geyik Bayiri pas verlaten en worden we door iedereen die nog op de Climbers Camping is uitgezwaaid. Met een goede Turkse gewoonte roept Maurits een goede reis voor ons af. En we hebben een mede-passagier: Willem rijdt met ons mee. Willem (of dokter Evenhuis) is arts op de spoedeisende hulp en lid van de GSAC (Groningse Studenten Alpen Club). Samen met Lars (ook GSAC) waren ze samen met het vliegtuig een weekje komen klimmen in Turkije. Lars kan maximaal een week weg, Willem wat langer. Hij wil graag nog gaan skiën in het Erciyes-massief. Het Erciyes-massief is maximaal 3916m hoog, ligt 26 km ten zuiden van de stad Kayseri en is een gedoofde vulkaan die aan de oorsprong ligt van de sprookjestorentjes van Cappadocië. Dit ligt op onze route, dus kan Willem kan mee. Willem heeft in zijn jeugd 10 jaar in Turkije gewoond. Zijn ouders werkten voor de NL ambassade in Turkije en hij zat in die periode op een internationale school (voertaal Engels). Zijn Turks heeft hij van straatkinderen geleerd.

Binnenplaats van de karavanserai van SultanhaniDe stallen

Tussen Antalya en Alanya verlaten we de weg langs de kust. We realiseren ons dat we voorlopig geen zee meer zullen zien en waarschijnlijk ook de warmte achter ons laten. De weg gaat landinwaarts, omhoog, het binnenland in naar het Anatolisch plateau. Onze bestemming is Konya. De lucht is grijs en sneeuw hangt in de lucht. En ergens meer een blad aan de boom, kachels roken en alles is bruin. Het is hier winter.

Konya
De belangrijkste reden waarom mensen Konya bezoeken is vanwege het Mevlana museum. Het museum is eigenlijk de tombe van Mevlana en een erg heilige plaats voor moslims. Mevlana was een van de grondleggers van een soefi beweging in de islam, de derwisj-orde. De Encarta encyclopedie zegt erover:

Mevlewi (Arabisch: Mawlawijja), een islamitische mystieke derwisj-orde, in de 13de eeuw in Klein-Azië gesticht door de mysticus Djalal al-Din Roemi, in het Turks Mevlana genoemd. Zij wordt ook wel genoemd de orde van de dansende derwisjen, zulks naar het bij deze orde in gebruik zijnde dansritueel. De dansers tollen, soms wel een uur lang, om de eigen as; hierdoor proberen zij in extase te geraken en eenwording met God te ervaren. De dans wordt vaak begeleid door fluit, viool, trommel of cimbalen, terwijl men de '99 namen van Allah' zingt.

Hoewel de orde in Turkije in 1925 werd opgeheven, is het haar sinds de jaren zestig toegestaan om eens per jaar een openbare bijeenkomst in de stad Konya in Turkije waar zich het graf van Mevlana bevindt, te houden. Afdelingen van de orde bestaan ook nog op de Balkan en in de Arabische wereld.

 
Uithangbord van Cappadocië: kasteel van Uçhisar

We treffen het: Mevlana stierf op 17 december 1273 en ieder jaar vindt in Konya vanaf 10 december het Mevlana-festival plaats gedurende een week. De gelegenheid om de dansende derwisjen ('whirling dervishes') te zien. We vinden met moeite een kamer in de hectische stad. Willems Turks blijkt erg handig te zijn om zaken te kunnen doen. Het is erg gezellig met z'n drieën. In het hotel zit nog een maffe Ier, type ouwe hippie en vier Russinnen die de Ier een beetje geadopteerd hebben als hun zoon. 'I think they are soeffies' fluistert hij. Een dag later komt nog een nuchtere pool aanwaaien.
We proberen op goed geluk binnen te komen bij het festival maar zonder kaartjes geen toegang. 'It will be hard to get tickets' zegt een bewaker. De volgende dag proberen we 's ochtends bij het cultureel centrum aan kaartjes te komen. We hebben geluk; waarschijnlijk zijn er annuleringen en is de ambtenaar ons goed gezind. We krijgen 3 kaartjes toegeschoven voor de voorstelling van 1 uur 's middags.

Het is vol in de moderne arena. Na ruim een anderhalf uur gezang en traditionele muziek komen de derwisjen. De Sema, de ceremonie kent iets van 9 stappen. De laatste fase is de ronddraaiende dans. Een voor een komen de derwisjen langs hun meester. Alsof ze aangezet worden beginnen ze te draaien. Eerst heel gesloten met hun armen voor de borst. In de cirkel verwijderen ze zich steeds verder van hun meester en ze lijken open te gaan als bloemen. Hun armen open zich, ze lijken steeds verder op te gaan in extase en draaien extatisch in het rond. Op een gegeven ogenblik draaien alle derwisjen rond in de arena en hun meester kijkt toe. De rechterhand omhoog, de linker naar beneden, symbool voor het in contact staan met het hemelse en het aardse. Het is een heel mystiek en sympathiek iets. De moeder van Zuleyha, op de Climbers camping, had ons al iets verteld over Mevlana, de islam en haar beleving hiervan. Het symbolische verhaal van de rietfluit, die gebruikt wordt in de soeffie muziek, maakt indruk en geeft stof tot nadenken.

Op de camping in GöremeEen dag later is het nog kouder!

Cappadocië
De weg van Konya naar Aksaray loopt door eenzaam, grijs steppegebied. Er is niks te zien behalve leegte en veel elektriciteitsmasten, die in lange rijen achter de horizon verdwijnen. Midden in dit gebied ligt Sultanhani. Deze nederzetting stelt niets voor maar heeft een attractie: een karavanserai uit de 13e eeuw. Een karavanserai is een gebouw waar kamelenkaravanen 's nachts onderdak vonden. Het is een groot fort met hoge muren en een mooie poort. Binnen is een open binnenplaats, achterin zijn grote overdekte stallen. Naast de binnenplaats zijn afdaken waar mensen konden eten, slapen, hun spullen opslaan en handelen. Het is een imposant gebouw en in goede staat. Je kunt de taferelen die hier moeten hebben plaatsgevonden, makkelijk voorstellen. Maar misschien maakt het wel zoveel indruk omdat we voor het eerst een echt overblijfsel van de Zijderoute zien. We zijn op de goede weg!

Aan de horizon verschijnt een bizarre toren van aarde met allerlei gaten erin. Het is het kasteel van Uçhisar en domineert de horizon. We slaan linksaf naar het plaatsje dat in het hart van Cappadocië ligt: Göreme. Op de camping in Göreme is het koud. Willem zet zijn tentje op en we liggen op tijd in bed.

vervolg Konya en Cappadocië >